« Home | Fukuoka! » | My first baito » | Mino update » | Home Sweet Home » | happy merry christmas » | Japanners en drank... zucht » | Kilometers vreten » | ...en dan weet je dat je in Japan bent! » | Japan, het land van extremen » | Welkomstfeestje, Karaoke en Halloween »

FlowerPower

Na een geweldige vakantie in Belgenland ben ik net op tijd weer in Japan geraakt om nog te kunnen meegenieten van de kersenbloesems, oftewel “sakura”.
In de herfst was de gekte rond de kōyō (het verkleuren van de blaadjes) al behoorlijk groot, maar de sakura is toch nog net iets populairder denk ik.
10 dagen lang overheersen wit, roos en zowat alle tinten daar tussenin het landschap.


Als de sakura in bloei staat is “hanami” hier een absolute must. In theorie betekent dit dat je de kersenbloesems gaat bewonderen terwijl je onder de sakura-bomen zit te picknicken. Wat is dan het verschil met de praktijk?... De drank.
Er zijn natuurlijk veel mensen die echt een gezellig en vooral onschuldig namiddagje onder de bloesems doorbrengen, maar in studententaal betekent hanami gewoon zo snel mogelijk dronken worden, en zoveel mogelijk kabaal maken.

Vrijdag ging ik met Michael en enkele van zijn Kandai-maten een hanami bijwonen van de “event-club” van de Kansai universiteit. Er was me gezegd eigen drank mee te brengen, dus van zo gauw ik me gesetteld had onder de sakura opende ik een van mijn blikjes. Al gauw kreeg ik tegen mijn voeten dat dit niet mocht, je mag pas drinken als de organisator “kanpai” had geroepen. Na een uur hoorden we dan eindelijk het magische woord, en begonnen de Japanners te drinken als gek. Nog geen half uur later zagen we al een compleet naakte student rondhuppelen… Maar het was best een gezellige avond! Ik heb met heel veel Japanners een praatje kunnen maken, en dat was gelijk een goede oefening om na een maand mijn hersenen weer aan het werk te zetten.

Zaterdag was er weer een hanami van Kandai gepland, maar die is letterlijk in het water gevallen. Niet getreurd, want de hanami werd dan maar vervangen door een nomihōdai. En neen, daar zijn we niet rouwig om!

Zondag stond alweer de kersenbloesem centraal. Die dag ben ik met Michael, Kahm, Johny (twee Thai), Shōko en Rei (twee Japanse meisjes) naar Arashiyama in Kyoto getrokken. Arashiyama staat bekend om zijn prachtige kōyō en sakura. Op de trein bleek al gauw dat we niet als enigen het idee hadden opgevat naar ginder te trekken, want we zaten als sardientjes bijeen gedrukt. Eens ter plekke begreep ik al gauw waarom we met zovelen op de trein hadden gezeten: het uitzicht was adembenemend mooi. Vlak aan het station zagen we al iets wat geleek op een park vol met sakura-bomen, maar onder de bomen bleek een grijze stenen parking te liggen in plaats van groene grassprietjes... Of hoe je een prachtig stukje natuur om zeep kan helpen… In elk geval was het wel al een erg mooi begin. Arashiyama heeft veel bezienswaardigheden, maar spijtig genoeg hebben we er maar een drietal kunnen zien. Het wandeltempo van onze Aziatische medereizigers lag immers niet erg hoog, maar daar ben ik hier ondertussen ook al wel aan gewend :)

Arayashima heeft een vrij bekende brug, maar waarom die zo bekend is zou ik echt niet weten. Opvallend mooi is ze niet, maar ze is gemaakt uit hout en daarom waarschijnlijk nog een “autenthiek” stuk.

Eerst bezochten we de Tenryū-ji, de tempel van de hemelse draak, een complex dat toebehoort aan het vroegere Rinzai Zen Boeddhisme. De tempel op zich is om mooi om zien, maar wat het echt de moeite waard maakt is de prachtige tuin, die in dit seizoen natuurlijk nóg mooier was!

Op weg naar de Nison-in (wederom Boeddhistische tempel) passeerden we eerst een groot (naar mijn gevoel toch) bamboebos, wat ook behoorlijk indrukwekkend was. Een bos is natuurlijk een bos, maar met de immense bamboestokken straalde het iets heel sereens uit. Naar het schijnt wordt het ’s avonds ook verlicht, en dat moet echt een speciaal effect geven. Op dat moment schenen er echter nog zeven zonnen (na de regen van de vorige dag waren die meer dan welkom) dus geen verlichting.
Nison-in zelf vond ik persoonlijk iets minder spectaculair, maar dit komt waarschijnlijk omdat de vorige tempel zo’n grote indruk op me had nagelaten. Wel hebben we er gratis thee gekregen die naar Japanse normen heel erg zoet was, maar wel lekker. Het deed me denken aan de zoethout-thee van bij ons.

Als laatste zijn we naar de Daikakuji gegaan, een tempel die eveneens vrij gekend schijnt te zijn. Naast het tempelcomplex ligt een enorme vijver waar je helemaal rond kan wandelen. Rondom de vijver staan overal sakura– en momiji bomen, zodat je zowel in de lente als in de herfst een prachtig landschap te zien krijgt. Ik heb dan ook ontelbaar veel foto’s genomen. Een mens zou van minder even stil worden… Die foto’s ga ik zo snel mogelijk proberen toevoegen aan deze blog, maar aangezien het kabeltje van mijn camera nog in België vertoeft kan ik de foto’s niet op mijn pc overzetten…

Tot zover het flowerpower-weekend, waar ik echt met volle teugen van genoten heb. Een leuke manier om deel II van Gaidai Adventures te beginnen. En sja, aangezien we ondertussen wel al weten dat er op en rond Gaidai weinig “adventure” te beleven valt, was ik al maar al te blij met deze uitstapjes!

Tot slot nog een extraatje voor de sensatie-beluste bloglezers… Op de terugweg van Arashiyama zaten we samen met een behoorlijk dronken drietal op de trein. Twee van hen stonden recht (of deden alleszins een poging tot) terwijl de derde volledig gecrasht lag te slapen. Plots vormde er zich een mini-riviertje tussen onze voeten… Je raadt het al, de slapende man had blijkbaar last van een té volle blaas, dat heb je met al dat drinken he… Buiten wij zessen en de twee zatte vrienden bleken weinig mensen het ongelukje van de man opgemerkt te hebben. Tot wanneer de trein een ietwat scherpe bocht nam en de dronkaard volledig voorover duikelde, tegen de grond, om daar te blijven liggen net zoals ie geland was. Gelukkig waren we net aan een halte gekomen, zodat de twee zatte mannen hun maat (die trouwens toch om en rond de 60 jaar was) op het perron konden leggen (sleuren is hier misschien toch een betere omschrijving). Ook daar bleef de man doodstil liggen, wat toch wel een beangstigend was (Ik heb ooit al eens een nare ervaring gehad met een slapende man op de trein die uiteindelijk overleden bleek te zijn). Maar je zag hem nog heel duidelijk ademhalen (oef, opluchting!), dus al wat hij nodig wat was waarschijnlijk gewoon eens goed zijn roes uit te slapen. Natuurlijk werden de hulpdiensten evengoed opgebeld, en die waren er vrij snel.. Op zo’n moment vroegen we ons toch af of dit dagelijkse kost zou zijn in Japan? Het was opvallend hoe koeltjes de mensen rondom reageerden. Iedereen stond natuurlijk wel stiekem te kijken hoe het allemaal zou aflopen, maar echt verbaasd of geshockeerd leken ze niet.. Vreemd land blijft het toch hoor… Maar dan wel een mooi vreemd land!